Doelgroep
Deze opleiding richt zich naar hulpverleners (opvoeders, maatschappelijk werkers, psychologen,
pedagogen…) uit de welzijnssector (gehandicaptensector, bijzondere jeugdzorg, psychiatrie, centra
algemeen welzijnswerk…) die hun begeleidingsgerichte contacten met cliënten (volwassenen en
kinderen/jongeren en hun gezinnen/context) willen optimaliseren.
Doelstellingen en programma
In een eerste deel bekijken we dit nieuw samengestelde gezin vanuit een historische en sociologische
context. We gaan na wat precies zijn eigenheid is en hoe het verschilt van het kerngezin op het vlak
van grenzen, rollenpatronen, stadia enz.
In een tweede deel gaan we op zoek naar de opvoedingssituatie binnen dit nieuw samengesteld gezin.
Waar moeten de verschillende partners in dit proces (ouders, stiefouders, kinderen, stiefkinderen)
rekening mee houden om dit op een goede manier te laten verlopen? Wat zijn de mogelijkheden en
de valkuilen voor een ouder, stiefouder, grootouder...? Wat zijn aandachtspunten voor de hulpverlener?
We werken vanuit een casus om dit thema te bespreken en we koppelen dit aan eigen ervaringen.
Vervolgens bekijken we het nieuw samengesteld gezin vanuit het contextuele kader en gaan met onze
eigen casussen aan de slag om begrippen als gespleten loyaliteit, onzichtbare loyaliteit, constructief en
destructief recht, meerzijdige partijdigheid enz. te duiden. We gebruiken ook dit kader om stil te staan
bij hulpverlening. Wat betekent meerzijdige partijdigheid voor een hulpverlener? Wat zijn mogelijkheden
en valkuilen? Hoe herkennen we dit in onze praktijk?
Werkwijze
Hoorcollege, oefeningen via casusmateriaal (ook eigen casusmateriaal), leesopdrachten en groepswerk,
bespreken videomateriaal (o.a. ‘les enfants de l’amour'), gastsprekers.
